Afscheid van arts-microbioloog Alphons Horrevorts

28 februari 2017

Zo’n twintig jaar geleden belde toenmalig directeur Maarten Verstegen op een avond arts-microbioloog Alphons Horrevorts. Of hij in CWZ wilde komen werken? ‘Ik denk niet dat dat erin zit’, antwoordde de microbioloog. Hij had het namelijk erg naar zijn zin bij zijn werkgever in het Westen van het land. Toen Verstegen echter na de vakantie een tweede poging waagde, ging Horrevorts om. ‘En ik heb geen moment spijt gehad.’

Goed voor elkaar
‘Ze zochten een opvolger voor Jan Arend van Griethuysen. Toen hij wegging, was er plaats voor drie medisch microbiologen. Het CWZ had toen al één van de grotere streeklaboratoria van Nederland. Mijn voorganger had het prima voor elkaar. Het lab was goed geoutilleerd, het team telde zo’n 60 medewerkers, er was een ziekenhuishygiënedienst. Maar wat in mijn besluit de doorslag gaf: ik kreeg ook tijd voor andere dingen. Vanwege de kortere reistijd, kreeg ik privé meer ruimte. Destijds had ik jonge kinderen. In mijn vorige functie zag ik die eigenlijk overwegend in het weekend.’

Indrukwekkend
‘Inmiddels hebben we vijf arts-microbiologen in dienst die hard aan de weg timmeren. Maar bovenal hebben we een goede crew; de analisten en ondersteunende medewerkers van het lab. Zonder hen bereik je niks. We genereren heel veel data. Daar kun je wat mee. Het aantal publicaties in tijdschriften is indrukwekkend. We zijn koploper op gebied van infectiepreventie en nieuwe technieken in de moleculaire biologie.’

Trots
‘Een van de verdiensten van het lab waar ik trots op ben, is Iprevent. Het project voor infectiepreventie in verpleeghuizen. Met collega Andreas Voss is dit een project geworden met grote uitstraling in de regio. Vroeger handelde men in verpleeghuizen vaak naar eigen inzicht bij de uitbraak van bijvoorbeeld diarree. Nu zijn er protocollen en hygiëne- en kwaliteitsmedewerkers om de uitbraak van de ziekte te beteugelen. Dat werpt zijn vruchten af.
Verder is door de nieuwe moleculaire biologische technieken de diagnosetijd van bepaalde infecties drastisch verkort. Tegenwoordig kunnen we bijvoorbeeld bij virale respiratoire aandoeningen in een afgenomen keelwat rechtstreeks de ziekteverwekker aantonen. Al vanaf de eerste opnamedag kunnen we de patiënt hierdoor goed behandelen.
Dé grote uitdaging van de laatste tijd is het dealen met de toenemende resistentie van micro-organismen. Wij hebben hier goede systemen opgezet om dat te beheersen, onder andere het A-team. De moleculaire biologie van het lab is landelijk gerenommeerd en samen met het lab van het Radboud heeft Jacques Meis het landelijk referentiecentrum voor mycologie opgezet.’

Gezond spanningsveld
‘Ik zat in allerlei clubjes. Was actief binnen de beroepsvereniging NVMM (Nederlandse Vereniging voor Medische Microbiologie), de OMS (Orde van Medisch Specialisten), de FMS (Federatie van Medisch specialisten) en de KNMG (Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst). Verder kijken dan het vak alleen heeft me altijd getrokken. Daarom heb ik ook heel veel kilometers in het land afgelegd. Zo kan ik de weg naar Utrecht dromen.
Binnen CWZ ben ik penningmeester geweest van het stafbestuur en heb 6 raden van bestuur voorbij zien komen. Wat mij altijd heeft geïnteresseerd is het spanningsveld tussen professionals, bestuurder en managers. Meestal is dat spanningsveld gezond, soms een beetje ongezond. Het is de kunst geld, macht, invloed en belang proberen te vertalen naar termen als waarden, kracht, zeggenschap en aandeel. Vanuit die optiek raak je eerder in een gelijkgestemde mood.
Op het lab heb ik altijd het management gedaan. Ik denk dat mijn collega’s me zagen als een manager die - als dat nodig was - hard kon zijn voor de zaak. Maar wel altijd op een nette manier.’

Uitgetaxied
‘Op verzoek ben ik twee jaar langer doorgegaan dan mijn pensioengerechtigde leeftijd. Het was als het ware een hele lange uitrijstrook waarin je rustig kunt voorsorteren. Ik ben niet bang voor het ‘zwarte gat’. Ik heb me goed  kunnen voorbereiden. In CWZ ben ik uitgetaxied.
Afscheid van mijn collega’s van het lab heb ik al achter de rug. We zijn gaan koken, portretschilderen en pubquizzen. We combineerden het met ons jaarlijkse dagje uit. Het was erg geslaagd!’

Donderdag 19 januari kon iedereen op C70 afscheid nemen van Alphons Horrevorts.