Interview Paul Voorhoeve

Waarom ben je kinderarts geworden?
Ik ben kinderarts geworden omdat de kindergeneeskunde een heel bijzonder vak is: behalve dat het medisch gezien een breed en uitdagend vak is, geeft de omgang met kinderen en hun omgeving een extra dimensie aan dit specialisme. Elk kind en zijn ouders/verzorgers vragen in elke levensfase een andere benadering voor het probleem waarmee ze komen. Of dit nu puur medisch is of niet. Daarnaast onderscheiden kinderen zich van volwassenen door hun enorme levenslust en veerkracht waardoor hun medische probleem vaak in een ander daglicht komt te staan. Dit kan enorm helpend zijn, maar soms ook uitdagend als bijvoorbeeld een aandoening zoals diabetes veel van een kind vraagt, maar het kind zelf eigenlijk andere prioriteiten of belangen heeft op dat moment. 

Wat mogen patiënten van jou verwachten?
Kinderen en hun ouders/verzorgers mogen van mij verwachten dat ik kennis heb van de gehele kindergeneeskunde, maar van groei, hormoonstoornissen en diabetes in het bijzonder. Behalve kennis mogen ze van mij verwachten dat ik oog heb voor andere problemen die daarbij komen kijken, zoals die kunnen horen bij hun levensfase of omgeving. Tevens mogen ze van mij verwachten dat ik zorg op maat kan leveren die past bij hun behoeften en vermogens. Het mag duidelijk zijn dat ik deze aandacht en zorg niet alleen kan leveren, maar dat het team waarin ik werk van essentieel belang is om samen te onderzoeken wat de beste zorg is die we kunnen leveren en wat daar voor nodig is.

Is er iets anders wat je graag wilt delen met de lezer?
Behalve patiëntenzorg vind ik het fantastisch om ook anderen op te leiden in de zorg voor kinderen. Zowel in de opleiding tot basisarts, als ook de opleiding tot kinderarts. Tevens vind ik het leuk om kinderartsen in opleiding extra bij te scholen in mijn subspecialismen endocrinologie en diabetes.
Verder vind ik het belangrijk dat we niet alleen binnen ons centrum goede (diabetes)zorg leveren, maar dat we onze ervaring en kennis ook uitdragen in onze regio, landelijk en zelfs internationaal en dat we bijdragen aan verdere verbetering van deze zorg. Zowel organisatorisch als in bijvoorbeeld wetenschappelijk onderzoek.