Zorg na de operatie met narcose/anesthesie

Na de operatie gaat u naar de verkoeverkamer. Dat is een aparte ruimte vlak bij de operatiekamer. Hier zorgt een gespecialiseerd verpleegkundige dat u rustig van de operatie bijkomt. U bent aangesloten op bewakingsapparatuur. Als u helemaal wakker bent, kunt u terug naar de verpleegafdeling. Soms is het nodig dat u naar de intensive care gaat.
Het kan zijn dat er allerlei slangetjes aan uw lichaam vastzitten. Bijvoorbeeld een infuus met vocht wanneer u nog niet mag eten en drinken. Soms loopt er een slangetje door uw neus naar de maag of heeft u een slangetje in de neus met extra zuurstof. Een slangetje in de blaas (katheter) vangt urine op als u nog niet kunt plassen. Na een kleine operatie mag u tijdens de eerste uren alweer eten en drinken. Als u misselijk bent, meld dit dan aan de verpleegkundige. Wij kunnen u hiervoor medicijnen geven. Hoe lang u in het ziekenhuis moet blijven, hangt af van de soort operatie en hoe snel u herstelt.

Meld pijn direct

Pijn kan slecht zijn voor de genezing. U kunt misschien niet diep doorademen of geen slijm ophoesten. De pijn kan u zelfs dwingen tot stil liggen. Alle reden dus om de pijn te verhelpen. Meld pijn dus altijd direct aan de verpleegkundige.

Pijnmeting

Veel mensen vinden het moeilijk om aan anderen te vertellen hoeveel pijn ze hebben. Dat is heel begrijpelijk. Maar u bent de enige die ons kan vertellen of u pijn heeft en hoe erg de pijn is. Een ander kan uw pijn niet voelen. Het geven van een cijfer kan helpen. Hoe werkt dat? Een aantal keer per dag vraagt de verpleegkundige of u de pijn een cijfer kunt geven. Het cijfer 0 betekent geen pijn. Heeft u weinig pijn dan kiest u het cijfer 1, 2 of 3. De pijn is dan acceptabel. Als de pijn u beperkt in bewegen, doorademen of hoesten kiest u een cijfer tussen 4 en 10. Het cijfer 10 betekent de ergst denkbare pijn. Het gaat erom hoe u de pijn ervaart. Dat is heel persoonlijk. Belangrijk is dat u zich niet laat beïnvloeden door de cijfers die anderen aan hun pijn geven. U kunt nooit een verkeerd cijfer geven. De verpleegkundige noteert het pijncijfer op een pijnscorelijst.

Pijnmedicatie

Vanaf het pijncijfer 4 passen wij vaak de pijnmedicatie aan. Zodra het middel werkt, vraagt de verpleegkundige u opnieuw om een cijfer te geven. Het is normaal dat de cijfers variëren. Op de pijnscorelijst staat op welk tijdstip u pijnmedicatie heeft gehad. Zo kunnen we zien wat het effect is van de pijnmedicatie.

Instructies over wat wel en niet mag

U heeft instructies gekregen over wat u na de operatie wel en niet mag. Denk aan bewegen, rusten, drinken en eten. Vraag hiernaar als het niet duidelijk is. Probeer de instructies op te volgen en geef aan als dat niet lukt. Vraag ook hoe uw familie u kan ondersteunen met uit bed gaan en lopen. Wij adviseren u om zo snel mogelijk uit bed te gaan.

Op dag operatie naar huis

Als u op de dag van de operatie naar huis mag:

  • doe het thuis de eerste 24 uur na de operatie rustig aan 
  • bestuur geen auto
  • neem geen belangrijke beslissingen 
  • eet en drink licht verteerbare voedingsmiddelen.

Nazorg

Meer informatie over de nazorg krijgt u van de arts of verpleegkundige. Ook staat er informatie in de folder over de ingreep. Deze vindt u bij de aandoening op deze website.

  • Gebruik de checklist ‘Weer naar huis’ om u voor te bereiden op het vertrek naar huis. 
  • Weet u hoe u contact kunt opnemen bij vragen? 
  • Vraag of de huisarts al op de hoogte is gebracht.