Samen beslissen, what else?

18 april 2019

Voor Miranda Boom, verpleegkundig specialist interne geneeskunde, is samen beslissen een tweede natuur. ‘Ik werk zo’n 15 jaar op deze poli in CWZ en ik pas het altijd al toe in mijn behandelingen. Voor mij is het net als in de Nespresso-reclame: samen beslissen, what else? Wat mij betreft is er niks anders. Er is maar één iemand voor wie de behandeling zinvol is. Eén iemand bij wie de behandeling moet aansluiten. En één iemand die eraan kan meewerken. Dat is de patiënt zelf. Ik ben slechts een hulpmiddel.’

Vraag het de patiënt

Met samen beslissen stemt de zorgverlener de behandeling af op de patiënt door hem of haar erbij te betrekken. ‘Ik kan denken dat een bepaald medicijn de beste behandelmethode is, maar het kan zijn de patiënt liever geen medicijnen inneemt. Dan heeft iemand meer baat bij één pilletje in een lage dosering dan bij medicijnen die hij vaker moet innemen. Of heeft iemand prikangst? Dan is minder prikken fijner. Dat weet je pas als je het de patiënt vraagt,’ aldus Miranda. Een mooi voorbeeld is meneer van Sandbergen (70). Door de ziekte van Graves heeft hij een te snel werkende schildklier, waarvoor hij onder behandeling is bij Miranda. Meneer vertelt: ‘Miranda heeft uitgebreid met mij besproken welke medicijnen er zijn en wat de mogelijkheden zijn. Door de auto-immuunziekte is mijn lichaam erg gevoelig en reageert het dus ook snel op medicijnen. Samen hebben we besloten welk medicijn het uiteindelijk gaat worden. Ik vond het prettig om te bespreken wat het beste bij mij past. Over een paar weken moet ik weer terug naar het ziekenhuis en zien we weer verder.’ 

Consultkaarten

Om samen beslissen in de spreekkamer gemakkelijker te maken, zijn er steeds meer middelen beschikbaar. Een ervan is de consultkaart. Dit is een beknopte keuzehulp voor patiënten en artsen om samen te gebruiken. Miranda: ‘Voor een aantal patiëntgroepen gebruik ik deze kaarten, bijvoorbeeld voor patiënten met chronische nierschade. Als de nieren stoppen met werken of langzaam slechter worden, kun je kiezen uit een aantal opties. Eerst gebruik ik de consultkaart bij de keuze voor een nierfunctievervangende- of een conservatieve behandeling. Vervolgens is er weer een andere consultkaart voor de nierfunctievervangende behandeling met drie behandelopties. Die neem ik met de mensen door, waarna ze er thuis rustig over nadenken.’

Filmpjes

Miranda wijst patiënten met nierschade ook op de website van Nierwijzer. Hier staan filmpjes waarin patiënten uitleggen voor welke behandeling zij hebben gekozen en waarom. ‘Zo had ik laatst een vrouw (83) met nierschade, die twijfelde of ze nierfunctievervanging wilde. In een filmpje op Nierwijzer was een ouder iemand aan het woord over de keuze voor een conservatieve behandeling. Deze persoon gaf aan dat de kwaliteit van leven zo goed was: niet iedere keer naar het ziekenhuis hoeven en het leven nemen zoals het komt. Mijn patiënt bekeek het filmpje, knikte en zei “ja, dat wil ik zelf zo ook”. Het is heel persoonlijk wat iemand wil. Als de keuze er is, is het mooi om die af te stemmen op de patiënt.’ 

Niet ‘u mag het zeggen’

Samen beslissen betekent niet dat de patiënt alles zelf moet bepalen, benadrukt Miranda. ‘De patiënt heeft de kennis en de wetenschap nodig van de expert en de zorgverlener heeft van de patiënt informatie nodig wat bij hem of haar past. Samen beslissen is dus ook echt sámen beslissen en niet “U mag het zeggen”. Dan sla je de plank mis. Er zijn mensen die precies weten wat ze willen, er zijn ook mensen die uiteindelijk toch zeggen “Beslis jij het maar”. Maar ook dan moet je als zorgverlener kijken wat bij diegene past. Zo had ik laatst een erg vitale vrouw (87) met een trombosebeen. Ik had met haar de consultkaart besproken en ze zei “Ja, maar dat weet ik toch allemaal niet, daar bent u toch voor, dat kan ik niet beslissen.” Ik gaf aan dat ik haar wel de mogelijkheid wilde bieden om mee te beslissen. Waarom mevrouw zei “Ik kan er wel wat van vinden, maar ik vind uw oordeel toch het belangrijkste.” Later heb ik haar teruggebeld wat volgens ons de beste behandeling voor haar was. Toen zei ze “Dan is het goed.” Het is altijd belangrijk dat je als zorgverlener per patiënt bekijkt wat deze nodig heeft.’

Goed voor samenwerking professionals

De hulpmiddelen helpen niet alleen patiënten, maar bieden de zorgverleners ondersteuning in het samenwerken. Miranda: ‘Een deel van de patiënten zie ik eerst en een ander deel ziet de arts eerst. Ik geef dan de voorzet en de arts rondt het af, of andersom. Degene die de consultkaart meegeeft, noteert dat in het behandelplan, zodat de ander weet dat het gebeurd is. Samen beslissen helpt ons meer één lijn te trekken. Door de bekendheid van het thema samen beslissen wordt het betrekken van patiënten steeds gewoner.’

CWZ-ambitie betrokken patiënt

De consultkaart is een voorbeeld van onze ambitie om patiënten te betrekken bij hun zorg. Een betrokken patiënt betekent: mensen helpen om de regie te nemen, begrijpelijke informatie geven en samen beslissen over de zorg die het beste bij hen past.