Huisarts en specialist trekken vaker samen op

03 mei 2016

‘Jullie overleggen toch wel?’, hoort internist Marc ten Dam van patiënten als de huisarts ter sprake komt. Gelukkig is het antwoord meestal ‘ja’. Want communicatie is een voorwaarde voor goede samenwerking tussen huisartsen en specialisten. Hoe gaat dit in de praktijk?

Samen behandelen
‘In deze tijd is het steeds gewoner dat huisartsen en specialisten samen de patiënt behandelen, zegt Marc. ‘Vooral bij chronische ziekten, zoals diabetes, COPD, hartfalen en ook steeds meer bij kanker.’ ‘Voor deze mensen is een behandeling méér dan het bezoek aan het ziekenhuis’, aldus voorzitter van de Huisartsenkring Nijmegen Guido Adriaansens. ‘Niet alleen is er nazorg nodig na ziekenhuisbehandeling. Vaak hebben mensen ook zorgen en vragen. Kan ik mijn werk blijven doen, houden de mensen in mijn omgeving het vol, hoe ziet mijn toekomst eruit? Op die momenten is de huisarts in beeld. Dan is het belangrijk dat we de juiste informatie hebben.’

Teleconsulten
Samenwerken betekent vooral goed communiceren. ‘We wisselen veel informatie over patiënten uit. Nu nog vaak per telefoon, maar dat is in de dagelijkse werkdrukte niet te doen’, zegt Guido. ‘Nieuwe technologie kan ons helpen. Bij sommige aandoeningen werken we met teleconsultatie’, vertelt Marc. ‘Dit betekent dat huisartsen een situatie aan de specialist voorleggen via beveiligde e-mail. Deze reageert ook weer via de mail. Snel en makkelijk, omdat het kan op een moment dat je er even tijd voor hebt.’ Middelen als teleconsultatie verbeteren de samenwerking tussen zorgpartners. Dit past bij een belangrijke keuze die CWZ heeft gemaakt: samen met andere zorgpartners zorgen dat de patiënt de juiste zorg op de juiste plek krijgt. Dat kan in het ziekenhuis zijn, maar ook daarbuiten.’

Gezamenlijk spreekuur
Er verbetert nog meer . Zo houden specialisten steeds vaker spreekuur in de huisartsenpraktijk samen met de huisarts. Ook krijgen huisartsen betere informatie over hun patiënt na een opname in het ziekenhuis. ‘CWZ-specialisten en huisartsen weten elkaar goed te vinden. We zijn bereid om steeds meer met elkaar samen te werken’, vindt ook Guido.