Onderzoek en behandeling
Een lui oog
We spreken over een lui oog als de gezichtsscherpte van een oog zonder organische afwijkingen en met een juiste brilsterkte nog niet goed is. Een lui oog kan ontstaan in de baby-, peuter- en kinderleeftijd, echter niet meer na de basisschoolleeftijd.
Wanneer een oog scheel ziet, wordt het niet meer gebruikt en blijft de ontwikkeling van het zien van dat oog achter. Ook wanneer een oog een sterke brilafwijking heeft, zal het niet kunnen scherpstellen en dus niet leren goed te zien.
Behandeling
De behandeling van het luie oog moet zo snel mogelijk gestart worden om het beste resultaat te krijgen. Deze behandeling bestaat meestal uit het afplakken van het goede oog, soms in combinatie met een bril. Een minder effectieve behandeling is het indruppelen van het goede oog waardoor dit tijdelijk wazig ziet. Het luie oog wordt dan gebruikt. Niet elke vorm van een lui oog is voor deze behandeling geschikt. Door het afplakken van het goede oog wordt de gezichtsscherpte van het luie oog gestimuleerd. Hierdoor verandert er niets aan de brilsterkte en ook niet aan de oogstand!
Scheelzien
Scheelzien is een afwijking van de stand van de ogen. Een oog kan wegdraaien naar buiten (naar het oor toe), naar binnen (naar de neus toe) en soms zelfs naar boven of beneden. Meestal zien we scheelzien optreden op de kinderleeftijd, maar ook volwassenen kunnen last hebben van scheelzien. Bij ongeveer 3 tot 5 procent van de bevolking komt scheelzien voor. Volwassenen kunnen scheelzien als hinderlijk ervaren in het contact met anderen en last hebben van dubbelzien. Scheelzien bij kinderen kan tot een lui oog leiden. Erfelijkheid speelt bij het ontstaan van scheelzien een belangrijke rol, maar ook een oogspierverlamming kan scheelzien geven.
Behandeling
De behandeling van scheelzien kan bestaan uit het voorschrijven van een bril, maar veelal is een operatie nodig om het scheelzien te verhelpen. Zie ook de folder Strabismus/scheelzien-operatie kinderen.
Brilafwijking
Door een hoge sterkte-afwijking aan de ogen kan er aan een of beide ogen een lui oog ontstaan. Het oog ziet ten gevolge van de sterke-afwijking wazig, waardoor de ontwikkeling van het zien niet optimaal gestimuleerd wordt. Er ontstaat een achterstand in de ontwikkeling van het zien en we spreken dan van een lui oog. De sterke-afwijking kan met een bril of contactlenzen gecorrigeerd worden. Doordat de ogen met de correctie een goed beeld doorgeven aan de hersenen kan het luie oog herstellen. Sterkte-afwijkingen die kunnen voorkomen zijn:
- Hypermetropie (ofwel verziendheid); dit geeft met name wazig zicht dichtbij.
- Myopie (ofwel bijziendheid); dit geeft met name wazig zicht op afstand.
- Astigmatisme (ofwel cylinderafwijking); dit geeft beeldvervorming voor zowel dichtbij als op afstand.
Ook een combinatie van bovenstaande sterkte-afwijkingen kan voorkomen.
Dubbelzien
Dubbelzien komt meestal voor bij volwassenen en kan ontstaan doordat een of meerdere oogspieren niet goed functioneren. Dit kan veroorzaakt worden door bepaalde ziektes zoals suikerziekte of schildklierproblemen. De orthoptist onderzoekt welke oogspier of oogspiergroep niet goed functioneert. Soms wordt dubbelzien veroorzaakt door een zwakke samenwerking tussen de ogen. De orthoptist kan oefeningen of speciale brilcorrecties voorschrijven om te zorgen dat de patiënt zo min mogelijk last heeft van het dubbelzien. In bepaalde gevallen kan ook een operatie uitkomst bieden. De orthoptist adviseert dan de oogarts over de operatie. Zie ook de folder Strabismus/scheelzien-operatie kinderen.
Hoofdpijn
Hoofdpijn is een veelvoorkomende klacht en kan oogheelkundige oorzaken hebben. Ook een verminderde samenwerking tussen de ogen kan hoofdpijn geven. Soms kan een verschil in sterkte tussen de ogen waardoor het scherpstellen moeite kost , hoofdpijn geven. De orthoptist onderzoekt dan onder andere met speciale oogdruppels de sterkte-afwijking van beide ogen.
Leesklachten
Leesklachten bij volwassenen worden meestal verholpen door een leesbril. Wanneer er echter dan nog klachten blijven bestaan onderzoekt de orthoptist of een oogspierzwakte of verminderde samenwerking hiervan de oorzaak kan zijn.
Folders
- Strabismus/scheelzien-operatie kinderen
G450-L_05-09.pdf (117.63 kb)







