Navigatie:



Kind op bezoek

Kind op bezoek

Ook voor kinderen is het belangrijk om te weten wat er aan de hand is met hun moeder, vader, broer, zus, grootouder of andere naaste. Vaak hebben ze al snel genoeg door dat er iets speelt, maar begrijpen ze soms niet precies wát. Daarom is het van belang dat het kind voorafgaand aan het bezoek uitleg krijgt over de situatie. De informatie op deze pagina kan u hierbij helpen.  

Is een bezoek met het kind op de IC mogelijk?

Een bezoek op een IC kan al vrij heftig zijn voor een volwassene, laat staan voor een kind. Als u denkt dat het kind een bezoek op de IC aan kan, kunt u dit gerust doen. Verstandig is wel om uw kind goed voor te bereiden op wat hij of zij kan verwachten op deze afdeling. Ga ook altijd zelf mee of laat een andere volwassene meegaan. Wanneer uw kind liever niet op bezoek wil op de IC, kunt u dat het beste accepteren. Dit wil niet zeggen dat uw kind niet meer moet worden geïnformeerd over de toestand van de patiënt.

Vóór het bezoek

Voordat u met uw kind op bezoek gaat, is het verstandig om aan de volgende aandachtspunten te denken:

  • Wanneer mogelijk, is het belangrijk dat de patiënt op de hoogte is van het bezoek van het kind en kan aangeven of dit wenselijk is. De patiënt kan zich zo voorbereiden op eventuele emotionele gevoelens van zowel het kind als van zichzelf, die naar boven kunnen komen tijdens dit bezoek. De verpleegkundige bereidt de patiënt hierop ook voor.
  • Het kind moet in staat zijn te begrijpen wat hij of zij kan verwachten. Beschrijf daarom van te voren wat er allemaal te zien en horen valt. Denk bijvoorbeeld aan apparatuur, alarmgeluiden, kabeltjes en draadjes. Wijs het kind er ook op dat de patiënt (meestal) een buisje in zijn mond en keel heeft om adem te halen en daarom niet kan praten. De foto en uitleg van de IC-kamer kunt u hierbij als hulpmiddel gebruiken. 
  • De kans bestaat dat de patiënt niet kan reageren, bereid het kind hierop voor. De patiënt kan bijvoorbeeld onder invloed van medicijnen in slaap worden gehouden. 
  • Wanneer het kind vragen heeft over de patiënt of het bezoek, beantwoord deze dan eerlijk en duidelijk. 
  • De informatie die u vertelt, moet begrijpelijk zijn voor het kind. Medische termen kunt u daarom beter zo min mogelijk gebruiken.
  • Het is van belang dat u altijd overlegt met de betrokken verpleegkundige over het bezoek.     

Tijdens het bezoek

  • Zorg dat u zelf of een andere volwassene altijd meegaat met het kind.
  • Leg uit dat het kind de patiënt gewoon mag aanraken als hij dit wil
  • Omdat het kind veel indrukken tegelijk krijgt is het verstandig om het bezoek niet te lang te maken. Vaak is een bezoek van vijf à tien minuten al genoeg voor het kind.

Na het bezoek

Geef het kind na het bezoek de tijd om alle indrukken te verwerken en ga na of uw kind nog vragen heeft. Het is verstandig om er de volgende dag nog even over te praten. Vraag of alles duidelijk is voor uw kind en of er nog vragen zijn. Enkele tips zijn:

  • Het is niet verstandig om 'een leugentje om bestwil'  te gebruiken bij het kind. Dat kan het vertrouwen beschadigen. Ook al is het moeilijk om te vertellen tegen een kind dat iemand van wie hij houdt ernstig ziek is, probeer toch zo eerlijk en duidelijk mogelijk te zijn.
  • Het kan gebeuren dat uw kind een detail heeft gezien dat volwassenen niet opvalt en waarbij hij door zijn fantasie een angstige gedachte krijgt. Wees hier alert op.
  • Wanneer uw kind het lastig vindt om over deze situatie te praten, kan hij proberen erover te tekenen of spelen.
  • Probeer gesprekken niet te officieel te maken. Terloops gaat het vaak makkelijker.

Wanneer kunt u beter niet op bezoek komen?

Soms is het verstandig het bezoek even uit te stellen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als uw familielid of naaste er heel anders uitziet dan normaal. Of wanneer uw kind het vorige bezoek heel moeilijk heeft verwerkt. 

Tot slot

Een eenduidig antwoord over of u het kind wel of niet meeneemt op bezoek is niet te geven. Verschillende factoren bepalen deze keuze, denk bijvoorbeeld aan de leeftijd van het kind of de relatie van het kind met de patiënt. Een goede voorbereiding, juiste begeleiding en overleg met de betrokken verpleegkundige zijn essentieel voor een goed verloop.