Niervervangende therapie
- Waarom doen de nieren het niet?
- De functie van de nieren
- Niervervangende therapie
- Stoppen van niervervangende therapie
- Vragen
Bij de patiënten op de intensive care komt het regelmatig voor dat de nieren onvoldoende werken. Dit is meestal tijdelijk, maar kan ook definitief blijken te zijn. In ieder geval moet de functie van de nieren (tijdelijk) worden overgenomen. Dit gebeurt met zogenaamde niervervangende therapie, waarbij een groot apparaat naast het bed van de patiënt staat.
Waarom doen de nieren het niet?
Er zijn verschillende oorzaken waardoor de nier niet meer goed werkt. Op de intensive care komt dat meestal door de onderliggende ziekte. Door een sepsis, ook wel een bloedvergiftiging genoemd waarbij bacteriën in het bloed leven, kan het lichaam ernstig ontregeld worden. De patiënt heeft dan in het begin een ernstige longontsteking, maar uiteindelijk lopen andere organen dan ook schade op. Met name de nieren zijn hier erg gevoelig voor.
Een andere oorzaak voor het stoppen van de nierfunctie is een verminderde bloeddoorstroming van de nieren. Dat kan gebeuren als de patiënt in shock is (geweest). Shock treedt bijvoorbeeld op als de patiënt erg veel bloed heeft verloren, maar kan ook optreden als het hart het niet goed doet.
Ten slotte zijn er ook nog ziekten van de nieren en urinewegen zelf die tot het verlies van nierfunctie kunnen leiden.
De functie van de nieren
De nieren zorgen grofweg voor drie belangrijke functies. Op de eerste plaats zorgen de nieren ervoor dat allerlei afvalstoffen uit het bloed worden gehaald en worden uitgescheiden met de urine. Op de tweede plaats zorgen de nieren dat de vochtbalans in en rond de lichaamscellen en het bloed stabiel is. Een teveel aan water voeren de nieren af als urine (waar dan weer die afvalstoffen in zitten). Ten slotte maken de nieren ook nog enkele hormonen: stofjes die aan andere organen vertellen wat die organen moeten doen.
Vooral de eerste twee functies zijn erg belangrijk op de intensive care. Een lichaam raakt al snel helemaal ontregeld als de afvalstoffen en het teveel aan water niet worden afgevoerd. De werking van de nieren is niet een ‘alles of niets’-systeem. De nieren kunnen het ook een beetje minder, of na verloop van tijd weer een beetje beter doen. De artsen kijken daarom elke dag hoe goed de nieren werken. Aan de hand daarvan wordt besloten om niervervangende therapie te starten of te stoppen.
Niervervangende therapie
In ons ziekenhuis worden 2 soorten niervervangende therapie gebruikt. Op de intensive care gebruiken we meestal CVVH, een continue niervervangende therapie. Soms wordt ook de andere niervervangende therapie gebruikt: hemofiltratie.
CVVH (continue venoveneuze hemofiltratie)
De patiënt ligt continu aan een machine die zijn bloed zuivert en eventueel een teveel aan vocht onttrekt, voor zover zijn toestand dat toelaat. Patiënten kunnen ook aan deze machine liggen als er problemen zijn met de bloedsomloop. De filter in deze machine moet na uren tot dagen worden vervangen. Daardoor is de patiënt soms tijdelijk niet aan de CVVH-machine aangesloten.
Hemodialyse
Dit is de niervervangende therapie die ook gebruikt wordt door patiënten die niet in het ziekenhuis zijn opgenomen. Deze werkt veel sneller dan CVVH. Daardoor is de patiënt maar enkele uren per dag, of soms zelfs om de paar dagen, aan de dialysemachine aangesloten. Het nadeel is dat door de snellere werking deze methode minder geschikt is voor heel zieke patiënten. Met name wanneer deze patiënten last hebben van een slechte bloedsomloop.
Stoppen van niervervangende therapie
Gelukkig kunnen de meeste patiënten na verloop van tijd weer zonder niervervangende therapie doordat hun nieren weer beginnen te werken. Doordat de nieren soms enige tijd nodig hebben om weer goed te functioneren kan het af en toe toch nodig zijn de niervervangende therapie weer opnieuw te starten. Dat is niet erg. Soms keert de nierfunctie echter niet terug. Dat is vrij moeilijk te voorspellen. De patiënt blijft dan afhankelijk van nierdialyse.
Vragen?
Natuurlijk is dit vrij algemene informatie. De intensivist kan u meer vertellen over de niervervangende therapie als u daar behoefte aan heeft. U kunt de verpleegkundige vragen een afspraak te maken.


