Ondervoeding
Wie ziek is, moet extra letten op de voeding. Net als bij zware inspanning verbruikt het lichaam bij ziekte meer voedingsstoffen en energie. Ziek zijn kan het eetpatroon verstoren. Geen trek, misselijkheid, benauwdheid, nuchter blijven voor allerlei onderzoeken, emoties, er zijn allerlei redenen om minder te eten. Het is belangrijk dat u tijdens uw opname voldoende eet en drinkt om complicaties te voorkomen.
Als u voldoende eet en drinkt, knapt u sneller op: uw weerstand neemt toe, waardoor infecties minder kans krijgen, bijvoorbeeld na een operatie. Wonden genezen ook sneller. Vooral bij langdurige ziekte en een hogere leeftijd is het belangrijk om op de voeding te letten.
Screening op ondervoeding
Bij opname wordt gevraagd naar uw gewichtsverloop en eetlust. De verpleegkundige beoordeelt hiermee of er risico bestaat op een slechte voedingstoestand of dat u een slechte voedingstoestand heeft. Als dit bij u het geval is, krijgt u 2 keer per dag een tussendoortje aangeboden door de room-servicemedewerker. U kunt kiezen uit verschillende tussendoortjes. Het gebruik van de tussendoortjes kan helpen uw voedingstoestand te verbeteren of op peil te houden: u valt minder of niet meer af en bouwt zo aan uw weerstand. Daarnaast krijgt u optimale voeding aangeboden.
Voor meer informatie kijkt u in de volgende folder:
- Goed eten en drinken in het CWZ
G019 03-12.pdf (123.32 kb)
Persoonlijk advies van de diëtist
In sommige gevallen komt de diëtist bij u langs. Zij bekijkt samen met u of uw voeding goed is samengesteld en of er aanpassingen nodig zijn om een goede voedingstoestand te bereiken. De diëtist houdt rekening met uw voedingsbehoefte, uw ziekte en behandeling en uw individuele wensen en mogelijkheden.






