Navigatie:

U bent hier:



ElektroFysiologisch Onderzoek (EFO)

Bij een hartritmestoornis is er een verstoring in de elektrische prikkels die het hart doen samentrekken. Dit kan een te snelle, te trage en/ of onregelmatige hartslag veroorzaken. De meeste ritmestoornissen zijn volkomen onschuldig. Sommige ritmestoornissen kunnen echter erg lastig zijn. Daarom is het soms nodig om uitgebreider onderzoek te doen naar deze stoornis. Als er naast de onderzoeken; ECG, ergometrie (fiets-/ loopbandonderzoek) en een holteronderzoek meer gegevens nodig zijn over de aard en de oorsprong van uw ritmestoornis dan wordt meestal een elektrofysiologisch onderzoek voorgesteld.

Doel van dit onderzoek

Het doel van een EFO is informatie te krijgen over de soort hartritmestoornis en de plaats waar deze ritmestoornis in het hart ontstaat. Ook kan men beoordelen of een ingestelde behandeling met medicijnen goed werkt.

Het onderzoek

Bij een EFO worden, onder plaatselijke verdoving, een aantal dunne draden (elektrokatheters) via een ader of slagader (soms beide) in de liezen en/ of schouder op diverse plaatsen in het hart gelegd. Nadat het normale hartritme is geregistreerd, wordt geprobeerd met behulp van de ingebrachte katheters de hartritmestoornis op te wekken. Soms wordt gebruikt gemaakt van bepaalde medicijnen om uw hart extra gevoelig te maken. Deze medicijnen worden dan tijdens het onderzoek toegediend via een infuus in uw arm. Op deze wijze kan de cardioloog mogelijk de oorzaak van uw ritmestoornis vaststellen en achterhalen welke ritmestoornis het hier betreft.
Als de hartritmestoornis tijdens het onderzoek optreedt kunt u hier last van hebben. U kunt duizelig worden, hartkloppingen voelen of zelfs buiten bewustzijn raken. Soms stopt de ritmestoornis vanzelf , anders krijgt u hiervoor medicijnen. Mocht de stoornis aanhouden dan wordt met een elektrische schok, een cardioversie, getracht het ritme te herstellen.

Meer weten?

Website van de hartstichting