Het verblijf
Overleg over behandeling
De specialist is als behandelend arts verantwoordelijk voor uw medische behandeling. Hij of zij voert ook overleg met u over eventuele onderzoeken en uw behandeling. Het doel van onderzoek of operatie, de manier waarop onderzoek of operatie plaatsvindt en de resultaten, worden met u besproken. Vervolgens maakt de behandelend arts afspraken met u over een eventueel dieet, bedrust en beweging, geneesmiddelen etcetera. Het is mogelijk dat een specialist advies vraagt aan andere deskundigen in het ziekenhuis, bijvoorbeeld een andere specialist. Maar uw eigen specialist beoordeelt telkens – in goed onderling overleg – de resultaten, en bespreekt deze met u.
Voorkomen van ziekenhuisinfecties
Sommige bacteriën die bij veel mensen voorkomen op de huid, in de neus of in de darmen veroorzaken meestal geen problemen. Alleen onder speciale omstandigheden, bij een wond of verminderde weerstand van de patiënt kan een infectie ontstaan. In een ziekenhuis kunnen sommige bacteriën ernstige complicaties veroorzaken voor patiënten met een verminderde weerstand. De overdracht van een bacterie van de ene patiënt naar de andere moet daarom voorkomen worden.
De afdeling ziekenhuishygiëne en infectiepreventie verzamelt en registreert gegevens om tijdig de aanwezigheid van bepaalde bacteriën te signaleren en overdracht tussen patiënten te voorkomen. Naast opsporen en registreren van wondinfectie na een operatie en van bacteriën die niet meer behandeld kunnen worden met de gebruikelijke antibiotica, worden er ook regelmatig uitstrijkjes genomen van huid of slijmvlies van opgenomen patiënten.
Gegevens van de infectieregistratie worden anoniem doorgegeven aan het landelijke registratiesysteem (PREZIES). Het ziekenhuis is wettelijk verplicht om sommige besmettelijke ziekten te melden aan de gemeentelijke gezondheidsdienst (GGD), zodat snel maatregelen getroffen kunnen worden om verspreiding van deze ziekten te voorkomen.
Euthanasie
Het CWZ beschikt over richtlijnen met betrekking tot euthanasie.
Folder
- Euthanasie
G153_06-09.pdf
Vragen en wensen
Als de uitleg van een specialist niet duidelijk is of als vaktermen worden gebruikt die u niet kent, vraagt u dan om nadere uitleg. Voor vakmensen blijkt het soms moeilijk om in te schatten wat u als leek begrijpt en wat niet. Vraag ook naar de gevolgen van de behandeling, zoals pijn, ongemak en eventuele andere consequenties.
Als u het met een bepaalde behandelwijze niet eens bent, brengt u dat dan ter sprake. Indien u de persoon in kwestie liever niet direct benadert, spreek dan de verpleegkundige aan. Deze is u hierbij graag behulpzaam.
Contactpersoon
Bij opname in het CWZ wordt u verzocht een contactpersoon aan te wijzen die gewaarschuwd kan worden in onverwachte situaties. Deze persoon is meestal degene waarmee overlegd wordt over uw medische behandeling indien u daartoe zelf (tijdelijk) niet meer in staat bent. Daarom is het ook belangrijk dat uw contactpersoon geïnformeerd is over uw wensen/afspraken over de medische behandeling.
Verhindering operatie
Het kan zijn dat uw geplande operatie wordt uitgesteld. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren bij ziekte van de medisch specialist of OK-personeel, als de intensive care vol is en andere onvoorziene omstandigheden. U wordt vervolgens bovenaan de lijst geplaatst en dan zo snel mogelijk behandeld. Het ziekenhuis is niet aansprakelijk voor de financiële gevolgen van dit uitstel.
Geneesmiddelen
Tijdens uw opname is de kans groot dat een arts geneesmiddelen voorschrijft voor uw behandeling. Het kan ook zijn dat u al geneesmiddelen gebruikt en dat u hiermee door moet gaan tijdens uw ziekenhuisverblijf. Thuis bent u zelf verantwoordelijk voor het innemen van uw geneesmiddelen. Als u in het ziekenhuis ligt, is dat anders. Volgens de wet is het ziekenhuis dan verantwoordelijk. Het CWZ moet ervoor zorgen dat u op het juiste moment het juiste geneesmiddel krijgt in de juiste dosering. Om ervoor te zorgen dat dit allemaal goed verloopt, coördineert de ziekenhuisapotheek uw geneesmiddelenverstrekking. Bij uw opname op de verpleegafdeling dient u precies te vermelden welke geneesmiddelen en in welke dosering u op dat moment gebruikt. Wij vragen u om de medicijnen die u van thuis meebrengt in te leveren bij de verpleegkundige. Hij/zij bergt uw geneesmiddelen dan op. Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u deze weer mee naar huis. In sommige gevallen kunt u de geneesmiddelen die u van huis heeft meegenomen blijven gebruiken. Vraag gerust uw behandelend arts of de verpleegkundige om meer informatie.
- Mijnmedicatieoverzicht
Mijnmedicatieoverzicht.pdf (1.2 mb)
Orgaan- en weefseldonatie
De wet op orgaandonatie (WOD) verplicht het ziekenhuis een protocol op te stellen over een afgesproken werkwijze van handelen voor artsen en verpleegkundigen bij overlijden van een patiënt in het ziekenhuis.
Bij iedere patiënt die in het CWZ overlijdt, is de arts verplicht om na te gaan of de overledene in aanmerking komt als donor. Is dit het geval dan wordt het donorregister geraadpleegd of onderzocht of de patiënt op andere wijze zijn wens, om donor te zijn, kenbaar heeft gemaakt (donorcodicil, wilsverklaring, levenstestament). De arts informeert de familie (contactpersoon) over het resultaat. Is duidelijk dat de patiënt heeft vastgelegd om organen en/of weefsel voor donatie ter beschikking te stellen, dan legt de arts aan de familie uit wat er gaat gebeuren. Is de wens van de patiënt niet duidelijk dan wordt de familie geraadpleegd en om toestemming gevraagd. Op de afdeling zijn folders over orgaan- en weefseldonatie aanwezig.
Het CWZ-protocol orgaan- en weefseldonatie is ter inzage beschikbaar op de afdeling patiëntenvoorlichting B00-01.
Bezoektijd
Meer informatie op de pagina Bezoektijden.
Verlaten afdeling
Waneer u de afdeling verlaat, om bijvoorbeeld met uw bezoek in de binnen- of buitenhof te gaan zitten, overlegt u hier vooraf over met de verpleegkundige of secretaresse. Dit is van belang in verband met eventueel gepland onderzoek of behandeling. Het is voor de afdeling belangrijk om te weten waar u bent. Controleert u voor het verlaten van de afdeling of u uw identificatiebandje om uw pols draagt. Hierop staat uw naam en afdeling vermeld.
Als het nodig is, kunt u gebruik maken van een rolstoel van de afdeling. Overleg hierover wel met de verpleegkundige of secretaresse. Zie regels rolstoelgebruik.
Andere zorgverleners
Geestelijke verzorging
Meer informatie op de pagina Geestelijke verzorging.
Maatschappelijk werk
Meer informatie op de pagina Maatschappelijk werk.
Huisregels
Meer informatie op de pagina huisregels.
Naar huis
Als u naar huis gaat krijgt u instructies en adviezen voor een spoedig herstel mee. Ook krijgt u een afspraak voor een controlebezoek aan de polikliniek mee. En eventueel een recept voor medicijnen en brief voor de huisarts.
De verpleegkundige geeft u informatie over de nazorg. Zie ook de patiëntenfolder over de betreffende aandoening. Klik naar de folders van het betreffende specialisme op de pagina patiëntenfolders.
Soms is het verstandig om niet zelf naar de uitgang van het ziekenhuis te lopen. De persoon die u komt halen, kan bij de hoofdingang een rolstoel pakken voordat hij naar de verpleegafdeling loopt. Als borg plaatst hij een 1 euro muntstuk in het muntslot van de rolstoel. Nadat u naar de auto bent gebracht, moet de rolstoel weer bij de hoofdingang worden teruggezet. Zie regels rolstoelgebruik.
De verpleegkundige op de afdeling kan ook een gastvrouw regelen die u met de afdelingsrolstoel naar de auto brengt.
Algemene folders
Wij verwijzen u graag door naar de algemene folders.
Folders per specialisme
Wij verwijzen u graag door naar de folders per specialisme.




